Kerkdiensten kijken of luisteren
Er is op dit moment een uitzending uit de Dorpskerk
U kunt nu meeluisteren
Klik op ▶ afspelen
Uitzending met beeld, klik
Zondag 12 juli 2026, avonddienst
Gezamenlijke dienst van Ichthus (pkn) en Hoeksteen (cgk)
Voorganger: ds. R.C. Verburg (cgk)
Welkom
Groot is uw trouw, o Heer (OTH 149: 1, 2) (=Opw 123)
Groot is uw trouw, o Heer,
mijn God en Vader.
Er is geen schaduw van omkeer bij U.
Ben ik ontrouw, Gij blijft immer Dezelfde
die Gij steeds waart,
dat bewijst Gij ook nu.
Groot is uw trouw, o Heer,
groot is uw trouw, o Heer,
iedere morgen aan mij weer betoond.
Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven.
Groot is uw trouw, o Heer,
aan mij betoond.
Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden,
en uw nabijheid, die sterkt en die leidt:
Kracht voor vandaag,
blijde hoop voor de toekomst.
Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.
Groot is uw trouw, o Heer,
groot is uw trouw, o Heer,
iedere morgen aan mij weer betoond.
Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven.
Groot is uw trouw, o Heer,
aan mij betoond.
mijn God en Vader.
Er is geen schaduw van omkeer bij U.
Ben ik ontrouw, Gij blijft immer Dezelfde
die Gij steeds waart,
dat bewijst Gij ook nu.
Groot is uw trouw, o Heer,
groot is uw trouw, o Heer,
iedere morgen aan mij weer betoond.
Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven.
Groot is uw trouw, o Heer,
aan mij betoond.
Gij geeft ons vrede, vergeving van zonden,
en uw nabijheid, die sterkt en die leidt:
Kracht voor vandaag,
blijde hoop voor de toekomst.
Gij geeft het leven tot in eeuwigheid.
Groot is uw trouw, o Heer,
groot is uw trouw, o Heer,
iedere morgen aan mij weer betoond.
Al wat ik nodig had, hebt Gij gegeven.
Groot is uw trouw, o Heer,
aan mij betoond.
Stil gebed, votum en groet (staande)
Psalm 27: 1, 2 (dnp)
God is mijn licht, de redder van mijn leven.
Zou ik nog bang zijn voor de duisternis?
Hij is mijn kracht, Hij zal bescherming geven.
Wie vrees ik nog wanneer Hij bij mij is?
Toen ik werd aangevallen hield ik stand;
mijn tegenstanders beten in het zand.
Al smeedt een machtig leger een complot,
ik weet mij veilig in de hand van God.
Eén ding vraag ik, het is mijn hartsverlangen:
bij Hem te mogen wonen voor altijd,
om elke dag zijn liefde te ontvangen;
niets is zo goed als zijn aanwezigheid.
Wanneer ik moegestreden ben en zwak,
schuil ik bij Hem, Hij geeft mij onderdak.
Met opgeheven hoofd prijs ik de HEER.
Ik zing en speel een danklied tot zijn eer.
Zou ik nog bang zijn voor de duisternis?
Hij is mijn kracht, Hij zal bescherming geven.
Wie vrees ik nog wanneer Hij bij mij is?
Toen ik werd aangevallen hield ik stand;
mijn tegenstanders beten in het zand.
Al smeedt een machtig leger een complot,
ik weet mij veilig in de hand van God.
Eén ding vraag ik, het is mijn hartsverlangen:
bij Hem te mogen wonen voor altijd,
om elke dag zijn liefde te ontvangen;
niets is zo goed als zijn aanwezigheid.
Wanneer ik moegestreden ben en zwak,
schuil ik bij Hem, Hij geeft mij onderdak.
Met opgeheven hoofd prijs ik de HEER.
Ik zing en speel een danklied tot zijn eer.
Gebed
Bijbellezing: Jozua 1: 1-9
1Het gebeurde na de dood van Mozes, de dienaar van de HEERE, dat de HEERE tegen Jozua, de zoon van Nun, de dienaar van Mozes, zei: 2Mijn dienaar Mozes is gestorven. Nu dan, sta op, steek deze Jordaan over, u en heel dit volk, naar het land dat Ik aan hen, de Israëlieten, ga geven. 3Elke plaats die uw voetzool betreedt, heb Ik u gegeven, overeenkomstig wat Ik tot Mozes gesproken heb. 4Van de woestijn en deze Libanon af tot aan de grote rivier, de rivier de Eufraat, heel het land van de Hethieten, en tot de Grote Zee, waar de zon ondergaat, zal uw gebied zijn. 5Niemand zal tegenover u standhouden al de dagen van uw leven. Zoals Ik met Mozes geweest ben, zal Ik met u zijn. Ik zal u niet loslaten en u niet verlaten. 6Wees sterk en moedig, want ú zult dit volk het land dat Ik hun vaderen gezworen heb hun te geven, in erfbezit laten nemen. 7Alleen, wees sterk en zeer moedig, door nauwlettend te handelen overeenkomstig heel de wet die Mozes, Mijn dienaar, u geboden heeft. Wijk daar niet van af, naar rechts of naar links, opdat u verstandig zult handelen overal waar u gaat. 8Dit boek met deze wet mag niet wijken uit uw mond, maar u moet het dag en nacht overdenken, zodat u nauwlettend zult handelen overeenkomstig alles wat daarin geschreven staat. Dan immers zult u uw wegen voorspoedig maken en dan zult u verstandig handelen. 9Heb Ik het u niet geboden? Wees sterk en moedig, schrik niet en wees niet ontsteld, want de HEERE, uw God, is met u, overal waar u heen gaat.
Bijbellezing: Efeze 6: 10
10Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht.
U bent mijn schuilplaats Heer (OTH 211) (=Opw 176)
U bent mijn schuilplaats Heer,
U vult mijn hart steeds weer,
met een verlossingslied.
Telkens als ik angstig ben, steun ik op U.
Ik vertrouw op U.
Als ik zwak ben, ben ik sterk,
in de kracht van mijn Heer.
(tussenspel)
U bent mijn schuilplaats Heer,
U vult mijn hart steeds weer,
met een verlossingslied.
Telkens als ik angstig ben, steun ik op U.
Ik vertrouw op U.
Als ik zwak ben, ben ik sterk,
in de kracht van mijn Heer.
U vult mijn hart steeds weer,
met een verlossingslied.
Telkens als ik angstig ben, steun ik op U.
Ik vertrouw op U.
Als ik zwak ben, ben ik sterk,
in de kracht van mijn Heer.
(tussenspel)
U bent mijn schuilplaats Heer,
U vult mijn hart steeds weer,
met een verlossingslied.
Telkens als ik angstig ben, steun ik op U.
Ik vertrouw op U.
Als ik zwak ben, ben ik sterk,
in de kracht van mijn Heer.
Verkondiging: Wees sterk em moedig
U heb ik lief, mijn God en Vader (Weerklank 464: 1, 2, 3, 4)
U heb ik lief, mijn God en Vader.
U heb ik lief, mijn toeverlaat.
Ik wil U dienen met mijn daden,
U, die in eeuwigheid bestaat.
U heb ik lief, o eeuwig licht,
U die mijn leven richt.
Ik was verward, verblind, verloren;
U zocht ik, maar ik vond U niet.
De duisternis bleef mij bekoren;
ik bleef bij wat de wereld biedt.
Uw Zon is voor mij opgegaan
en schijnt in mijn bestaan.
Voor mij bent U de bron van leven,
die mij een sprank’lend leven schenkt.
U hebt mij hoop en kracht gegeven,
U, die ten goede aan mij denkt.
Heer, leid mij door uw rechterhand
naar het beloofde land.
Heer God, bewaar mij in uw wegen,
zodat ik niet meer dwalen zal.
Maar laat mij leven uit uw zegen
dat ik niet in het kwade val.
Verlicht mijn leven, mijn bestaan,
zodat ‘k met U kan gaan.
U heb ik lief, mijn toeverlaat.
Ik wil U dienen met mijn daden,
U, die in eeuwigheid bestaat.
U heb ik lief, o eeuwig licht,
U die mijn leven richt.
Ik was verward, verblind, verloren;
U zocht ik, maar ik vond U niet.
De duisternis bleef mij bekoren;
ik bleef bij wat de wereld biedt.
Uw Zon is voor mij opgegaan
en schijnt in mijn bestaan.
Voor mij bent U de bron van leven,
die mij een sprank’lend leven schenkt.
U hebt mij hoop en kracht gegeven,
U, die ten goede aan mij denkt.
Heer, leid mij door uw rechterhand
naar het beloofde land.
Heer God, bewaar mij in uw wegen,
zodat ik niet meer dwalen zal.
Maar laat mij leven uit uw zegen
dat ik niet in het kwade val.
Verlicht mijn leven, mijn bestaan,
zodat ‘k met U kan gaan.
Gebeden
Collectes
1. kerk, 2. evangelisatie
Psalm 73: 9 (nb)
Nu blijf ik bij U voor altijd,
God die mij troost, die bij mij zijt,
mijn twijfel stilt en mijn verlangen,
die mij in liefde houdt omvangen.
Gij neemt mij bij de rechterhand,
Gij zijt getrouw, uw raad houdt stand,
uw wijsheid is het die mij leidt
en eenmaal kroont met heerlijkheid.
God die mij troost, die bij mij zijt,
mijn twijfel stilt en mijn verlangen,
die mij in liefde houdt omvangen.
Gij neemt mij bij de rechterhand,
Gij zijt getrouw, uw raad houdt stand,
uw wijsheid is het die mij leidt
en eenmaal kroont met heerlijkheid.
Geloofsbelijdenis (staande)
Dankt, dankt nu allen God (LvdK 44: 1, 2, 3)
Dankt, dankt nu allen God
met hart en mond en handen,
die grote dingen doet
hier en in alle landen,
die ons van kindsbeen aan,
ja, van de moederschoot,
zijn vaderlijke hand
en trouwe liefde bood.
Die eeuwig rijke God
moog’ ons reeds in dit leven
een vrij en vrolijk hart
en milde vrede geven.
Die uit genade ons
behoudt te allen tijd,
is hier en overal
een helper die bevrijdt.
Lof, eer en prijs zij God
die troont in ’t licht daarboven.
Hem, Vader, Zoon en Geest
moet heel de schepping loven.
Van Hem, de ene Heer,
gaf het verleden blijk,
het heden zingt zijn eer,
de toekomst is zijn rijk.
met hart en mond en handen,
die grote dingen doet
hier en in alle landen,
die ons van kindsbeen aan,
ja, van de moederschoot,
zijn vaderlijke hand
en trouwe liefde bood.
Die eeuwig rijke God
moog’ ons reeds in dit leven
een vrij en vrolijk hart
en milde vrede geven.
Die uit genade ons
behoudt te allen tijd,
is hier en overal
een helper die bevrijdt.
Lof, eer en prijs zij God
die troont in ’t licht daarboven.
Hem, Vader, Zoon en Geest
moet heel de schepping loven.
Van Hem, de ene Heer,
gaf het verleden blijk,
het heden zingt zijn eer,
de toekomst is zijn rijk.
Zegen (staande)