Kerkdiensten kijken of luisteren
Er is op dit moment een uitzending
U kunt nu meeluisteren
Klik op ▶ afspelen
Uitzending met beeld, klik
Zondag 31 mei 2026, ochtenddienst
Voorganger: ds. M. Bot
Welkom
Psalm 116: 1, 4, 5 (ob)
God heb ik lief, want die getrouwe HEER’
Hoort mijne stem, mijn smekingen, mijn klagen.
Hij neigt Zijn oor, ’k roep tot Hem, al mijn dagen;
Hij schenkt mij hulp, Hij redt mij keer op keer.
D’ eenvoudigen wil God steeds gadeslaan.
’k Was uitgeteerd maar Hij zag op mij neder.
Keer, mijne ziel, tot uwe ruste weder:
Gij zijt verlost; God heeft u welgedaan!
Gij hebt, o HEER’, in ’t dood’lijkst tijdsgewricht
Mijn ziel gered, mijn tranen willen drogen,
Mijn voet geschraagd; dies zal ik, voor Gods ogen,
Steeds wandelen in ’t vrolijk levenslicht.
Hoort mijne stem, mijn smekingen, mijn klagen.
Hij neigt Zijn oor, ’k roep tot Hem, al mijn dagen;
Hij schenkt mij hulp, Hij redt mij keer op keer.
D’ eenvoudigen wil God steeds gadeslaan.
’k Was uitgeteerd maar Hij zag op mij neder.
Keer, mijne ziel, tot uwe ruste weder:
Gij zijt verlost; God heeft u welgedaan!
Gij hebt, o HEER’, in ’t dood’lijkst tijdsgewricht
Mijn ziel gered, mijn tranen willen drogen,
Mijn voet geschraagd; dies zal ik, voor Gods ogen,
Steeds wandelen in ’t vrolijk levenslicht.
Stil gebed, votum en groet (staande)
Lied van de maand: Psalm 110: 1, 3 (dnp)
De HEER heeft tot mijn heer zijn woord gesproken:
‘Neem hier uw plaats in, aan mijn rechterhand!
Regeer tot Ik uw vijand heb gebroken.
Die wordt de steun waar u uw voet op plant.’
Voor eens en altijd heeft de HEER gezworen:
‘Ik stel u, koning, ook als priester aan.
Bij Melchisedeks orde zult u horen.
Zo zult u Mij voorgoed ten dienste staan.’
‘Neem hier uw plaats in, aan mijn rechterhand!
Regeer tot Ik uw vijand heb gebroken.
Die wordt de steun waar u uw voet op plant.’
Voor eens en altijd heeft de HEER gezworen:
‘Ik stel u, koning, ook als priester aan.
Bij Melchisedeks orde zult u horen.
Zo zult u Mij voorgoed ten dienste staan.’
Lezing van Gods wet
Psalm 25: 3 (nb)
Denk aan ’t vaderlijk meedogen,
Heer, waarop ik biddend pleit:
milde handen, vriend’lijk’ ogen
zijn bij U van eeuwigheid.
Denk toch aan de zonde niet
van mijn onbedachte jaren!
Heer, die al mijn ontrouw ziet,
wil mij in uw goedheid sparen.
Heer, waarop ik biddend pleit:
milde handen, vriend’lijk’ ogen
zijn bij U van eeuwigheid.
Denk toch aan de zonde niet
van mijn onbedachte jaren!
Heer, die al mijn ontrouw ziet,
wil mij in uw goedheid sparen.
Gebed
Kindermoment
Ben je groot of ben je klein (OK 18)
Ben je groot of ben je klein
of ergens tussenin;
God houdt van jou!
Ben je dik of ben je dun
of ben je blank of bruin;
God houdt van jou!
Hij kent je als je blij bent;
Hij kent je als je baalt.
Hij kent je als je droevig bent;
Hij kent je als je straalt.
Het geeft niet of je knap bent;
het geeft niet wat je doet.
God houdt van jou.
Hij is vol liefde.
God houdt van jou!
Ben je groot of ben je klein
of ergens tussenin;
God houdt van jou!
Ben je dik of ben je dun
of ben je blank of bruin;
God houdt van jou!
Hij kent je als je blij bent;
Hij kent je als je baalt.
Hij kent je als je droevig bent;
Hij kent je als je straalt.
Het geeft niet of je knap bent;
het geeft niet wat je doet.
God houdt van jou.
Hij is vol liefde.
God houdt van jou!
(tussenspel)
Ben je groot of ben je klein
of ergens tussenin;
God houdt van jou!
Ben je dik of ben je dun
of ben je blank of bruin;
God houdt van jou!
Hij kent je als je blij bent;
Hij kent je als je baalt.
Hij kent je als je droevig bent;
Hij kent je als je straalt.
Het geeft niet of je knap bent;
het geeft niet wat je doet.
God houdt van jou.
Hij is vol liefde.
God houdt van jou!
of ergens tussenin;
God houdt van jou!
Ben je dik of ben je dun
of ben je blank of bruin;
God houdt van jou!
Hij kent je als je blij bent;
Hij kent je als je baalt.
Hij kent je als je droevig bent;
Hij kent je als je straalt.
Het geeft niet of je knap bent;
het geeft niet wat je doet.
God houdt van jou.
Hij is vol liefde.
God houdt van jou!
Ben je groot of ben je klein
of ergens tussenin;
God houdt van jou!
Ben je dik of ben je dun
of ben je blank of bruin;
God houdt van jou!
Hij kent je als je blij bent;
Hij kent je als je baalt.
Hij kent je als je droevig bent;
Hij kent je als je straalt.
Het geeft niet of je knap bent;
het geeft niet wat je doet.
God houdt van jou.
Hij is vol liefde.
God houdt van jou!
(tussenspel)
Ben je groot of ben je klein
of ergens tussenin;
God houdt van jou!
Ben je dik of ben je dun
of ben je blank of bruin;
God houdt van jou!
Hij kent je als je blij bent;
Hij kent je als je baalt.
Hij kent je als je droevig bent;
Hij kent je als je straalt.
Het geeft niet of je knap bent;
het geeft niet wat je doet.
God houdt van jou.
Hij is vol liefde.
God houdt van jou!
Bijbeluur voor de kinderen van groep 2-4
Bijbellezing: 1 Korinthe 13:1-13
1Al zou ik de talen van de mensen en van de engelen spreken, maar ik had de liefde niet, dan zou ik klinkend koper of een schallende cimbaal zijn geworden. 2En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. 3En al zou ik al mijn bezittingen uitdelen tot levensonderhoud van de armen, en al zou ik mijn lichaam overgeven om verbrand te worden, maar ik had de liefde niet, het baatte mij niets. 4De liefde is geduldig, zij is vriendelijk, de liefde is niet jaloers, de liefde pronkt niet, zij doet niet gewichtig, 5zij handelt niet ongepast, zij zoekt niet haar eigen belang, zij wordt niet verbitterd, zij denkt geen kwaad, 6zij verblijdt zich niet over de ongerechtigheid, maar verheugt zich over de waarheid, 7zij bedekt alle dingen, zij gelooft alle dingen, zij hoopt alle dingen, zij verdraagt alle dingen. 8De liefde vergaat nooit. Wat dan profetieën betreft, zij zullen tenietgedaan worden, wat talen betreft, zij zullen ophouden, wat kennis betreft, zij zal tenietgedaan worden. 9Want wij kennen ten dele en wij profeteren ten dele, 10maar wanneer het volmaakte zal gekomen zijn, zal wat ten dele is, tenietgedaan worden. 11Toen ik een kind was, sprak ik als een kind, dacht ik als een kind, overlegde ik als een kind, maar nu ik een man geworden ben, heb ik het kinderlijke tenietgedaan. 12Nu immers kijken wij door middel van een spiegel in een raadsel, maar dan zullen wij zien van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik ten dele, maar dan zal ik kennen, zoals ik zelf gekend ben. 13En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde.
O grote God die liefde zijt (Lvdk 481: 1, 2)
O grote God die liefde zijt,
o Vader van ons leven,
vervul ons hart, dat wij altijd
ons aan uw liefde geven.
Laat ons het zout der aarde zijn,
het licht der wereld, klaar en rein.
Laat ons uw woord bewaren,
uw waarheid openbaren.
Maak ons volbrengers van dat woord,
getuigen van uw vrede,
dan gaat wie aarzelt met ons voort,
wie afdwaalt met ons mede.
Laat ons getrouw de weg begaan
tot allen die ons verre staan
en laat ons zonder vrezen
de minste willen wezen.
o Vader van ons leven,
vervul ons hart, dat wij altijd
ons aan uw liefde geven.
Laat ons het zout der aarde zijn,
het licht der wereld, klaar en rein.
Laat ons uw woord bewaren,
uw waarheid openbaren.
Maak ons volbrengers van dat woord,
getuigen van uw vrede,
dan gaat wie aarzelt met ons voort,
wie afdwaalt met ons mede.
Laat ons getrouw de weg begaan
tot allen die ons verre staan
en laat ons zonder vrezen
de minste willen wezen.
Verkondiging: De liefde vergaat nooit
Ik wil jou van harte dienen (Opw 378)
Ik wil jou van harte dienen
en als Christus voor je zijn.
Bid dat ik genade vind, dat
jij het ook voor mij kunt zijn.
Wij zijn onderweg als pelgrims,
vinden bij elkaar houvast.
Naast elkaar als broers en zusters,
dragen wij elkanders last.
Ik zal Christus’ licht ontsteken
Als het duister jou omvangt.
Ik zal jou van vrede spreken
Waar je hart naar heeft verlangd.
(tussenspel)
Ik zal blij zijn als jij blij bent
huilen om jouw droefenis.
Al mijn leeftocht met je delen
tot de reis ten einde is.
Dan zal het volmaakte komen
als wij zingend voor Hem staan.
Als wij Christus’ weg van liefde
en van lijden zijn gegaan.
en als Christus voor je zijn.
Bid dat ik genade vind, dat
jij het ook voor mij kunt zijn.
Wij zijn onderweg als pelgrims,
vinden bij elkaar houvast.
Naast elkaar als broers en zusters,
dragen wij elkanders last.
Ik zal Christus’ licht ontsteken
Als het duister jou omvangt.
Ik zal jou van vrede spreken
Waar je hart naar heeft verlangd.
(tussenspel)
Ik zal blij zijn als jij blij bent
huilen om jouw droefenis.
Al mijn leeftocht met je delen
tot de reis ten einde is.
Dan zal het volmaakte komen
als wij zingend voor Hem staan.
Als wij Christus’ weg van liefde
en van lijden zijn gegaan.
Gebeden
Collecten
1. kerk, 2. jeugdwerk
O grote God die liefde zijt (Lvdk 481: 3)
Leer ons het goddelijk beleid
der liefde te beamen,
opdat wij niet door onze strijd
uw goede trouw beschamen.
Leg ons de woorden in de mond
die weer herstellen uw verbond.
Spreek zelf door onze daden
van vrede en genade.
der liefde te beamen,
opdat wij niet door onze strijd
uw goede trouw beschamen.
Leg ons de woorden in de mond
die weer herstellen uw verbond.
Spreek zelf door onze daden
van vrede en genade.
Zegen (staande)
Mercy Ships: Presentatie Michelle Lubberts